07/08/2016

"GrensRoute 3: Bleyberg, spoorweg en mijnbouw in het Geuldal", omgeving Plombières, zondag 7/08/2016.

Deze keer wandelde ik nog eens in het Land van Herve. Ik volgde een van de zogenaamde GrensRouten, met name nr. 3, getiteld Bleyberg, spoorweg en mijnbouw in het Geuldal. Deze route loopt voornamelijk in de gemeente Plombières (Duitse naam Bleiberg of Bleyberg en in het oorspronkelijke dialect – dat het midden houdt tussen Limburgs en Duits – Blieberg).

 

Gegevens:

Afstand: 15,8 km.

Bewegwijzerd? Ja, in beide richtingen, met het rood-witte symbool van de GrensRouten en het nummer van de route. De bewegwijzering was grotendeels in orde, al waren de bordjes hier en daar wat onoordeelkundig geplaatst en ik meen een foutje gezien te hebben.

"Bron": de website van de GrensRouten, daar vind je per route wat (toeristische) informatie en de routekaart. Zelf vond ik op een andere website de GPS-track en nog wat informatie.

Start- en eindpunt: ik vertrok op het plein bij het gemeentehuis van Plombières, Place du 3ème Millénaire 1 in Plombières (let op: de parkeerduur op minstens een deel van het plein is van maandag tot zaterdag beperkt tot een halfuur, dus je parkeert dan best elders als wandelaar), maar je kan overal langs de route starten. Bereikbaarheid met het openbaar vervoer: vlakbij mijn vertrekpunt ligt de bushalte Plombières Place die vrij geregeld (zelfs op zon- en feestdagen) door TEC-buslijn 710.

Aard van de wegen: heuvelachtig met zo goed als geen vlakke stukken, de steile stukken duren nooit lang, maar de hellingen zijn soms wel relatief lang; in het begin is het vooral verharde weg, daarna is de ondergrond vooral onverhard of grind, met toch ook wel enkele stukken asfalt.

 

Indrukken over de route/het landschap:

Het eerste stukje van de route ging over een RAVeL-pad over de voormalige spoorlijn 39 (?). In tegenstelling tot meestal bestond de ondergrond uit grind en dus niet uit asfalt of beton. Het ging over of langs de voormalige mijnterreinen (looderts) van Plombières. (Zowel de Franse als de Duitse naam van de plaats verwijzen naar het erts: plomb (Fr.) = Blei (Dts.) = lood.) Daarna wandelde ik een hele meestal langs landbouwgrond (vooral weilanden, maar toch ook wel velden), vaak nog omringd met (restanten van) hagen en er zijn ook wel wat bomenrijen. Dat werd afgewisseld met bosjes en de al dan niet verspreide bebouwing van het gehucht Völkerich en verderop het dorp Gemmenich. Voorbij Gemmenich was er nog even een traject door de weilanden (mooie uitzichten – je kan o.a. de Ardense bossen zien liggen) en daarna belandde ik in het bos (is het nu het Preuswald of het Aachener Wald?). Via het bos bereikte ik het Drielandenpunt België-Nederland-Duitsland. Gemmenich,Plombières,provincie Luik,Land van HerveDit is een toeristische trekpleister (het is bovendien ook het hoogste punt van continentaal Nederland met een hoogte van naar verluidt 322,4 meter boven NAP) en het was er een drukte van jewelste, een groot contrast met de rust in het bos. Gelukkig was ik daar vrij vlug voorbij en werd het weer rustiger. Ik wandelde nog een hele tijd door het bos, al drong ik er nooit echt heel diep in door. Al is dat laatste vooral op de kaart goed te zien, op het terrein leek ik diep in het bos te wandelen, behalve op die stukken waar er vrij recent een kaalslag geweest is, daar had ik een mooi zicht over de omgeving. Een keer verliet ik even het bos om na een kort ommetje tussen de weilanden terug te keren. Bij de bedevaartsplaats Moresnet-Chapelle (ook wel Eiksken) verliet ik het bos definitief. Ik vervolgde mijn weg tussen de huizen van de plaats en langs klooster en kerk. Voorbij een groot bejaardentehuis (?) kwam ik weer in het typische landschap van de streek: vooral weiland, deels omzoomd met hagen en ook hier en daar wat bomen. Niet zoveel verder bereikte ik het centrum van Moresnet. Dat wordt gedomineerd door het impressionante Geuldalviaduct (een spoorwegviaduct waarover de drukke goederenspoorlijn 24 gaat, een spoorlijn die trouwens op een groot deel van de route hoorbaar aanwezig is en soms ook zichtbaar). Moresnet ligt in de vallei van de Geul en die vallei moest ik daarna verlaten; dat betekende klimmen. Op de top bereikte ik weer het RAVeLpad over de voormalige spoorlijn 39. Die volgde ik tot het einde. Onderweg waren er nog wat relicten uit het mijnbouwverleden te zien en ook nog de Geul.

 

Conclusie:

8/10. Een heel mooie en afwisselende route, maar er zit te veel verharde weg en te veel bebouwing in om echt heel hoog te scoren.

 

Een (kleine) selectie uit mijn foto's: klik, klik, klik.

Post een commentaar

NB: commentaren worden gemodereerd op deze weblog.